Weesgegruut

Hop als conserveringsmiddel en als smaakmaker voor bier wordt nog niet zo lang gebruikt. In de middeleeuwen gebruikten de brouwerijen vooral gruut of gruit. Dit was een kruidenmengsel waarvan de gagel (Myrica Gale) P1050744de basis vormde, aangevuld met kruiden. Elke brouwerij had natuurlijk eigen, geheime kruidenmengsels.

Eén van de eigenschappen die aan gagel wordt toegewezen is lustopwekkend, eigenlijk een afrodisiacum. Toen monniken bier begonnen te brouwen, omdat het water vaak te vervuild was om zo te drinken, konden ze als celibatairen deze eigenschap binnen de muren van een klooster missen als kiespijn. Hop, die rustgevende en kalmerende eigenschappen heeft, kreeg daarom de voorkeur. Het duurde evenwel een hele tijd tot de  consumenten gewoon werden aan de bittere smaak.

Een andere mogelijke verklaring om voor brouwerijen over te schakelen op hop waren de hoge belastingen die de graaf van Vlaanderen hief op de gruut.

Om de middeleeuwen wat te doen herleven hebben we zelf een recept bedacht met als basis de gagel. Voor de vergistbare bestanddelen gebruiken we maar liefst 7 verschillende granen: gerst (pale ale mout en een beetje pilsmout), haver, tarwe, rogge, spelt, mais en rijst. Samen met een 10-tal kruiden, die uiteraard ook geheim blijven, creëren we een unieke smaak. Dit a-typische bier is een ideale begeleider van stoverijen en wild schotels.